inicio
gramática
audio
to holland!
books
links
forum
está aquí:
gramática
>
verbos
>
verbos regulares
> ejercicio el tiempo presente
Ejercicio el tiempo presente
www.woordenlijst.org
Dutch spelling reform in 2006
Traducido por Karla Machuca
Llene los espacios en blanco. Para revisar su respusta, haga click en
?
, para la traducción, haga click en T. Donde es necesario, las sílabas con acento son subrayadas. No utilize letras en mayúscula.
meenemen
(traer)
Ik
een paraplu mee, omdat het gaat regenen.
lopen
(caminar)
Zij (singular)
thuis altijd op blote voeten.
geven
(dar)
Haar docent
niet vaak complimenten.
vinden
(traer)
Jij
het maar niets.
re
kenen
(calcular)
Ik
het liefst met een rekenmachine.
be
ta
len
(pagar)
Mijn ouders
nooit met een creditcard.
razen
(rabiar)
De wind
door de bomen.
diri
ge
ren
(dirigir)
Riccardo Chailly
het Concertgebouworkest.
branden
(quemar)
De zon
op mijn huid.
wei
geren
(negar)
Onze kat
onder het bed vandaan te komen.