Geschiedenis enkele nederlandse klanken

This is a forum for discussing Old and Middle Dutch, which gave birth to Modern Dutch. This is the place to find fascinating old texts complete with splendid spellings and wonderful word order. If you are interested in reading texts from the Middle Ages and earlier, please come on in. Translations into modern Dutch are required, and translations into modern English are welcome.
Post Reply
User avatar
heerMat
Superlid
Posts: 163
Joined: Wed Mar 04, 2009 9:21 pm
Country of residence: Belgium
Mother tongue: Dutch (Flanders)
Location: Gent

Geschiedenis enkele nederlandse klanken

Post by heerMat » Wed Mar 04, 2009 9:29 pm

Hallo allemaal! Ik vroeg me af waar de huidige Nederlandse ie-klank vandaan komt. Ik bedoel hoe die in het Oergermaans, en op zijn beurt in het Proto-Indo-Europees was.
Bv. PIE *a:/o: > PGerm. *o: > Ndl. =<oe>

Of Ndl. <ij> < PGerm. *i:
of Ndl. <ui> < Mnl. y: < PGerm. u:

Ik vraag me nu af waar onze <ie> vandaankomt, maar ook de <au> en de <ei> en de <aa>....
Kan iemand me helpen?
"Constantijnt je, ’t zaligh kijntje, Cherubijnt je, van om hoogh
D’ydelheden, hier beneden, uitlacht met een lodderoogh." (Vondel)

Grytolle
Superlid
Posts: 1390
Joined: Thu May 22, 2008 12:42 pm
Country of residence: Belgium
Mother tongue: Swedish
Second language: English
Third language: Dutch
Fourth language: German
Gender: Male

Re: Geschiedenis enkele nederlandse klanken

Post by Grytolle » Wed Mar 04, 2009 10:14 pm

Germ. lange E (ê2) werd ie (Mnl. tweeklank, Nnl. gemonophthongeerd = î), in hier (Onfr. hiera, Os. hêr), Mnl. sciere (Ohd. scêro) en vandaar Nnl. schielijk uit scierlijc; Mnl. miede (Onfr. mieda, Os. mêda), en in de praeterita der werkwoorden met reduplicatie: viel, hield, blies, liet, sliep, ried, liep, stiet, hieuw, riep, Mnl. bovendien nog spien, bien, wiel, ontriet (= ontdriet), briet, verwiet, hiet, sciet, vliec, grieu (= griei). Verkorting van den klinker hebben wij in het Nnl. vóór ng: ging, hing, ving, Mnl. ginc, hinc, vinc (ook wel genc, enz.); en in het Mnl. vóór l: vel, hilt of helt, silten (van souten), naast viel, hielt. Ook de ê (of ē uit e) van vroeg aan het Latijn ontleende woorden werd ie: biet (naast beet, Lat. bêta), brief (brevis), Griek (Graecus), Pieter (Petrus), pieterselie (petrosilium), priester (presbyterus), riem (rêmus), spiegel (speculum). In woorden, die wat later ontleend werden, werd ê echter î (thans gediphthongeerd ij): ijken (aequare), krijt (crêta), (hout)mijt (mêta), pijn (pêna, paena), prij (prêda, praeda), spijs (spêsa, spensa, expensa), wijle (vêlum), zijde (sêda, sêta,; vieren met î voor Nnl. ij vóór r (Lat. fêriari). Misschien ontstond ie slechts uit korte, gerekte e, en moet men voor Griek en riem grondvormen
1)Van Helten in Paul und Braune's Beiträge XVI 306 vlg.
[p. 70]
als Grĕcus, rĕmus aannemen. Beet is in het Zuid-Nederlandsch (ook in het Zuid-Hollandsch) de gewone vorm; biet in het Noord-Hollandsch zou dus eene latere Friesche ie uit ē kunnen hebben. Niet geheel zeker is het, of wij ook ie uit ê2 hebben in wieg, kienhout (bij Kiliaen en in de 17e eeuw, Ohd. kên, Ags. cên) en in kriegel naast (Friesch?) kregel (vgl. Ohd. chrêg, pertinacia, widarkrêgi, widarkriegelín).

Germ. EO was in het Onfr. reeds ie (Mnl. tweeklank, Nnl. gemonophthongeerd = î), bijv. dier (Onfr. dier), stier (Onfr. stier), dienen (Onfr. thienon), riet (Onfr. ried), vlies (Ags. fleós), diep (Onfr. diep) en naar analogie daarvan diepte (Onfr. diupitha), lief (Onfr. lief), vlieg (Onfr. flîga), Mnl. diet (Onfr. thiat), spiet (Onfr. spiet), snieme (Onfr. sniumo), en de werkwoorden der u-klasse: bieden, zieden, verdrieten, gieten (Onfr. gietan), genieten (Onfr. nieton), schieten (Onfr. scieten), vlieten, kiezen, verliezen, vriezen, tien (Onfr. tian, tion), vlien (Onfr. flien), vliegen (Onfr. fliugan), liegen (Onfr. liegon), bedriegen (Onfr. bedriegen). Het verschil tusschen eo en iu in de vervoegingsvormen is geheel verëffend: de pluralis overwon, wanneer op eo dentalen of spiranten volgden; wanneer labiale of gutturale explosivae volgden, dan werd iu (= Mnl. u, Nnl. ui) algemeen gemaakt, in de werkwoorden: druipen (Onfr. driepan), kruipen (Onfr. criepan), kluiven, stuiven, ruiken, Mnl. smuken; daarnaast echter Mnl. clieven (Nnl. slechts zwak), stieven, smieken, rieken: het laatste ook Nieuw-Nederlandsch, maar alleen zwak en niet in de spreektaal. De overige werkwoorden dier klasse hebben òf u (ui) uit û (zie § 26) en u (ou) uit iu + w, òf zijn oorspronkelijk zwak.
Verkorting vertoont zich in Dirk uit Dierik, Diederik (Theodorîk) en licht (Onfr. lioht) met den analogievorm verlichten (Onfr. irliohten), Mnl. Vlaamsch lecht met e uit i (thans in het Vlaamsch dialect lucht). Van dij, Mnl. die (Onfr. thio, Ohd. dioh) is na de monophthongeering de i aan het eind gerekt en daarna weder gediphthongeerd, zooals zij uit sie (sia, sio). Vier uit fior ontwikkelde zich uit fiwar (als in het Os.) en dat met syncope der d uit fidwar. De ie (eo) van knie ontstond door vocaliseering der w.


Germ. IU werd in het Limburgsch en Hollandsch en vandaar ook in het Nieuw-Nederlandsch eerst u, later gediphthongeerd ui, behalve vóór r en w: kuiken (Ags. ĉycen), duivel (Os. diuvil), duister (Os. thiustri), luiden, lui (Onfr. luide, Os. liudi), beduiden (Ohd. diuten) en duidelijk, Duitsch (Ohd. diutisc), stuit (Ohd. stiuz), duur (Os. diuri), onguur (Os. unhiuri), sturen (Ags. styran), Mnl. Hollandsch nog vluus (Mhd. vliuz). Nnl. vuur (Onfr. fûir) heeft zich uit *fiuir (Mhd. viwer) ontwikkeld. Het slechts éénmaal (Reinaert I 1640) voorkomende viwer echter zal wel aan het Mhd. ontleend zijn.
[p. 78]
Naast die vormen heeft het Nnl. ook dierbaar (met verschil in beteekenis; Mnl. Hollandsch ook duerbaer), en, hoewel niet in de spreektaal, kieken, lieden, Dietsch, bestier, vier. Die vormen worden in het Mnl. verreweg het meest gebruikt, zooals ook bedieden, stiet en ongehier. Dievel echter is een zeldzame vorm. Die ie voor u is Brabantsch-Vlaamsch-Zeeuwsch, en is ook in het Zuidelijk deel van Zuid-Holland overheerschend; vandaar komen in de Middelnederlandsche schrijftaal de vormen met u naar verhouding zelden voor.
iu + w werd in alle dialecten eerst uw, vandaar Mnl. u (pron. pers.), uwe (pron. poss.), bluwen, bruwen, cuwen, scu, scuwen, ruwe en ruwen, truwe en truwen; daarnaast echter reeds Mnl. jou (eene enkele maal, bijv. in den Walewein), blouwen, brouwen, kouwen, scouwen (ook waerscouwen naast waerscuwen), rouwe en rouwen, trouwe en trouwen. Het Nnl. heeft naast het iou der fam. spreektaal in de schrijftaal (en thans ook in de beleefde spreektaal) u, uwe. Schuw en schuwen (ook waarschuwen) hebben Nnl. de u behouden; alleen schouw (wat te schuwen is, obscoen) heeft ou, zooals in het Nnl. ook brouwen, rouw, rouwen, trouw, trouwen. Blouwen is thans verdwenen en kauwen wordt thans met au geschreven en kan zich dus wel uit *kawôn ontwikkeld hebben. Daarnaast heeft het Mnl. cuwe en Kiliaen, die de Nnl. vorm kieuw. Friesch-Hollandsch noemt, kouwe.
Verkorting van iu vertoont zich in luchten (Ags. l̂yhtan), door luchtig (Mnl. ook duerlichtich, vgl. Mhd. durchliuchtec), juk (Ohd. jiuh) slechts Nnl. (de Mnl. vorm is jok, Ohd. jok), en luttel (Os. luttil, gs l̂ytel, Ohd. liuzil), daarnaast Mnl. met Vlaamschen umlaut littel en, met Vlaamsch-Brabantsche e uit i, lettel (vgl. Vlaamsch lecht voor licht), dat de gewone Middelnederlandsche vorm is.
:-)

Grytolle
Superlid
Posts: 1390
Joined: Thu May 22, 2008 12:42 pm
Country of residence: Belgium
Mother tongue: Swedish
Second language: English
Third language: Dutch
Fourth language: German
Gender: Male

Re: Geschiedenis enkele nederlandse klanken

Post by Grytolle » Wed Mar 04, 2009 10:31 pm

heerMat wrote:Hallo allemaal! Ik vroeg me af waar de huidige Nederlandse ie-klank vandaan komt. Ik bedoel hoe die in het Oergermaans, en op zijn beurt in het Proto-Indo-Europees was.
Bv. PIE *a:/o: > PGerm. *o: > Ndl. =<oe>

Of Ndl. <ij> < PGerm. *i:
of Ndl. <ui> < Mnl. y: < PGerm. u:

Ik vraag me nu af waar onze <ie> vandaankomt, maar ook de <au> en de <ei> en de <aa>....
Kan iemand me helpen?

Dat boven ging over de /ie/

/ei/ is ontstaan uit Germaaans /ei/ en door samentrekking van /ege/ en een paar andere combinaties...

Meer info hier:
http://dbnl.org/tekst/wink002gesc01_01/ ... 1_0006.htm
:-)

User avatar
heerMat
Superlid
Posts: 163
Joined: Wed Mar 04, 2009 9:21 pm
Country of residence: Belgium
Mother tongue: Dutch (Flanders)
Location: Gent

Re: Geschiedenis enkele nederlandse klanken

Post by heerMat » Wed Mar 04, 2009 10:50 pm

Amaaai zoveel informatie!!! Mercikes!
"Constantijnt je, ’t zaligh kijntje, Cherubijnt je, van om hoogh
D’ydelheden, hier beneden, uitlacht met een lodderoogh." (Vondel)

Grytolle
Superlid
Posts: 1390
Joined: Thu May 22, 2008 12:42 pm
Country of residence: Belgium
Mother tongue: Swedish
Second language: English
Third language: Dutch
Fourth language: German
Gender: Male

Re: Geschiedenis enkele nederlandse klanken

Post by Grytolle » Thu Mar 05, 2009 11:32 pm

Dit wist ge waarschijnlijk al, maar:

Vóór r zijn ȳ en ī niet gediftongeerd tot ui en ij, maar wel in het Duits en het Engels (Zweeds toegevoegd ter opschepping ;))
muur, Mauer, -, mur
vuur/vier, Feuer, fire (fajer :P), fyr*

(*fyr betekent vooral vuurtoren)


Oh ja, als ge een beknopte klankgeschiedenis ofzo gaat schrijven, mag ik ze zien? Als ge daarbij hulp wilt, wil ik vaneigens meedoen :D
:-)

User avatar
heerMat
Superlid
Posts: 163
Joined: Wed Mar 04, 2009 9:21 pm
Country of residence: Belgium
Mother tongue: Dutch (Flanders)
Location: Gent

Re: Geschiedenis enkele nederlandse klanken

Post by heerMat » Fri Mar 06, 2009 1:01 pm

Hah, in het Duits is er precies triftongering opgetreden :D Als da bestaat...

Neenee, ik ga geen geschiedenis schrijven ofzo:p Was wel begonnen met een excelbestandje om een schema'tje te maken, maar met al die uitzonderingen, afwijkingen en speciale gevallekes, zie ik er verder van af!
"Constantijnt je, ’t zaligh kijntje, Cherubijnt je, van om hoogh
D’ydelheden, hier beneden, uitlacht met een lodderoogh." (Vondel)

Grytolle
Superlid
Posts: 1390
Joined: Thu May 22, 2008 12:42 pm
Country of residence: Belgium
Mother tongue: Swedish
Second language: English
Third language: Dutch
Fourth language: German
Gender: Male

Re: Geschiedenis enkele nederlandse klanken

Post by Grytolle » Fri Mar 06, 2009 1:08 pm

heerMat wrote:Hah, in het Duits is er precies triftongering opgetreden :D Als da bestaat...

Neenee, ik ga geen geschiedenis schrijven ofzo:p Was wel begonnen met een excelbestandje om een schema'tje te maken, maar met al die uitzonderingen, afwijkingen en speciale gevallekes, zie ik er verder van af!
Lijkt me wel een beknopt geschiedeniske :D
:-)

Post Reply