Hey allemaal,
op dit moment geef ik Nederlandse les in Engeland. Ik heb echter geen opleiding gehad hiervoor dus regelmatig plagen mijn studenten me met vragen waar ik geen antwoord op weet of waar ik wel iets op kan bedenken maar waar ik niet zeker van ben.
Zoals deze:
Sommige werkwoorden hebben een voltooid deelwoord dat zowel met hebben als met zijn kan voorkomen.
Bijvoorbeeld:
Ik heb gewassen
Ik ben gewassen
In dit geval lijkt mij het verschil vrij evident. Ik heb gewassen is een actieve handeling van het onderwerp 'ik', terwijl ik ben gewassen een passief is.
Echter er zijn meer gecompliceerde gevallen.
bijvoobeeld:
Ik ben mijn pen vergeten en Ik heb mijn pen vergeten
versus
Ik ben die herinnering vergeten en *ik heb die herinnering vergeten (* geeft foute constructie aan)
In dit laatste geval is het voor mij gevoel niet mogelijk om hebben vergeten te gebruiken voor bijvoorbeeld een herinnering. Hier lijkt het dan dus ook weer te gaan over een actieve en passieve vorm van vergeten. Waarbij 'hebben' iets recents en wellicht een handeling aanduidt en 'zijn' een minder bewuste vorm van vergeten?
of nog een voorbeeld:
Ik ben verloren
Ik heb verloren
Hier kwam ik met de actieve/passieve theorie niet echt uit. Heeft iemand hier misschien ideeen bij?
En verder heeft er iemand ideeen over de andere voorbeelden? Of misschien een betere verklaring?
Alvast bedankt!
