Formula: zijn + aan het + infinitive
E.g. hij is aan het studeren (he is studying)
Formula: liggen/zitten/staan/lopen + te + infinitive
E.g. hij zit te werken (he is working)
Formula:
Informal: 1st person singular (stem):
e.g. wees stil! (be quiet)
Formal: 2nd person singular + u:
e.g. weest u stil! (be quiet)
"Let's": laten we + infinitive:
e.g. laten we weggaan (let's leave)
Formula: zijn/worden/raken + past participle
E.g. het is gedaan (it is done)
Formula: infinitive
E.g. het opgaan van de zon (the rising of the sun)
Formula: te + infinitive
E.g. het is te doen (it can be done)
Formula: infinitive + -d
E.g. een werkende man (a working man)