Je bent hier: Grammatica > Zelfstandig naamwoorden en lidwoorden > Bepaalde lidwoorden

Bepaalde lidwoorden
  • Klik hier om de pagina af te drukken. Alleen de tekst in de middelste kolom wordt afgedrukt
  • Verstuur deze pagina per e-mail
  • {Voeg deze pagina toe aan je favorieten [IE])
  • Meld een fout
  • Bekijk de wikicode van deze pagina

Vertaald uit het Engels door Bieneke Berendsen

In het Nederlands gebruiken we twee bepaalde lidwoorden: 'de' en 'het'.

Waarom hebben we niet een, maar twee bepaalde lidwoorden? Wat is het nut?

Eerlijk gezegd heeft het geen nut. Er is bovendien geen duidelijke richtlijn, waarmee je kunt bepalen of je 'de' of 'het' voor een zelfstandig naamwoord moet plaatsen. Anderstaligen moeten de 'de-woorden' en 'het-woorden' uit het hoofd leren.

. de-woorden het-woorden
enkelvoud de

de man
het

het huis
meervoud de

de mannen
de

de huizen

Vroeger had elk geslacht zijn eigen lidwoord: mannelijk, vrouwelijk en onzijdig. In het moderne Nederlands bestaat het onderscheid tussen vrouwelijke en mannelijke lidwoorden niet meer: ze gebruiken allebei het lidwoord 'de'. Door de emancipatie van mannelijke en vrouwelijke lidwoorden, praten we nu over 'de-woorden' en 'het-woorden'. Onzijdige woorden zijn 'het-woorden'.

Zoals je ziet gebruiken we voor het meervoud altijd 'de'.


Vragen? Vragen?
     Bezoek ons forum!

Laatst bijgewerkt op: December 05, 2007 ::