Je bent hier: Grammatica > werkwoorden > Kale infinitief: transitieve werkwoorden

Kale infinitief: transitieve werkwoorden
  • Klik hier om de pagina af te drukken. Alleen de tekst in de middelste kolom wordt afgedrukt
  • Verstuur deze pagina per e-mail
  • {Voeg deze pagina toe aan je favorieten [IE])
  • Meld een fout
  • Bekijk de wikicode van deze pagina

Vertaald uit het Engels door Bieneke Berendsen

Een transitief hulpwerkwoord gebruiken we als we waarnemen hoe iemand anders (een lijdend voorwerp) iets doet.

Transitieve hulpwerkwoorden worden altlijd gevolgd door een lijdend voorwerp en een infinitief.

De transitieve hulpwerkwoorden zijn:

horen Ik hoor jou piano spelen.
vinden Ik vind hem mooi zingen.
voelen Ik voel de make-up zitten.
zien Hij zag haar over straat lopen.

Het werkwoord dat op het hulpwerkwoord volgt, is geen actie van het onderwerp, maar van het lijdend voorwerp (jou, hem, de make-up, en haar).


Vragen? Vragen?
     Bezoek ons forum!
Laatst bijgewerkt op: December 11, 2007 ::