In het hoofdstuk over het kort meewerkend voorwerp hebben we het al over het meewerkend voorwerp gehad. Maar om je geheugen nog eens op te frissen: Het meewerkend voorwerp (MV) is de ontvanger van het lijdend voorwerp. Het meewerkend voorwerp begint vaak met het voorzetsel aan of voor.
De voorzetsels aan en voor kunnen ook worden weggelaten, maar dan hebben we een kort meewerkend voorwerp, dat in het linkerdeel van de zin thuishoort.
Een aantal werkwoorden die vaak voorkomen in combinatie met een meewerkend voorwerp:
| beloven aan
| kopen voor
|
| betalen aan
| koken voor
|
| geven aan
| maken voor
|
| vertellen aan
| meenemen voor
|
Voorbeelden
| O&P
| LV
| MV
| OW
|
| Het bedrijf zal
| een groot bedrag
| aan een liefdadigheidsinstelling
| schenken
|
Behalve met aan begint een meewerkend voorwerp ook vaak met voor:
| O&P
| LV
| MV
| OW
|
| De kok had
| een heerlijke maaltijd
| voor ons
| bereid
|